Derdelijnsbehandeling van de ziekte van Parkinson

Door Ine Kuijs

 

Presentatie door neuroloog hr. H.F. Visée van het JBZ in Den Bosch.

Een derdelijnsbehandeling wordt ingezet indien de eerste- en tweedelijnsbehandelingen niet of niet langer efficiënt zijn.

De heer Visée is deze bijeenkomst gestart met het beschrijven van de complexe symptomen van de ziekte van Parkinson. Om de klachten bij de ziekte van Parkinson te verminderen wordt medicatie voorgeschreven, maar deze kan in de loop van de jaren steeds minder effectief blijken te zijn. Genezing van de ziekte bestaat helaas nog niet, maar gelukkig zijn er steeds betere therapieën die toegepast kunnen worden als medicijnen niet voldoende effectief meer blijken te zijn. Maar deze therapieën worden niet zomaar toegepast. Vooraf wordt onderzoek gedaan of je ervoor in aanmerking komt. De neuroloog zal in overleg met de patiënt bekijken wat de beste optie is.
Aangezien het dure behandelingen betreft legt de ziektenkostenverzekeringen neurologen beperkingen op voor het uitvoeren van behandelingen. Dit geldt vooral voor de DBS.

Drie therapieën die deze middag besproken zijn:

  • Apomorfine: je krijgt dan een pomp of pen. De werking is snel, maar kort. De Levadopa moet erbij ingenomen worden. Het nadeel van deze therapie is dat je in de beginperiode veel last kunt hebben van misselijkheid. Daarvoor wordt een medicijn voorgeschreven. Bij het prikken is een nadeel dat je irritaties krijgt van je huid.
  • Duodopa: dopamine die toegediend wordt in maag of darmen. Deze therapie wordt vooral bij mensen die gedurende de dag veel last hebben van wisselende periodes van wel en niet actief kunnen zijn en bij overbewegingen.
    Ook bij deze therapie wordt door middel van een pompje een gelijkmatige dosis in het lichaam gebracht. Voordat men de operatie uitvoert, wordt het medicijn via een sonde toegediend om te kijken hoe de reactie van de medicatie op het lichaam is.
    Over het algemeen is de effectiviteit groot, maar deze therapie heeft wel tijd nodig om de dosering goed in te kunnen stellen. Technische problemen of lekproblemen kunnen een nadeel zijn, maar hoeven niet voor te komen.
    Voor mensen met dementie is de therapie niet geschikt.
  • DBS (Deep Brain Stimulation of Diepe hersenstimulatie): hierbij worden elektroden in een deel van de hersenen geplaatst. De patiënt krijgt elektronische impulsen van een neurostimulator (soort pacemaker) die onder het sleutelbeen wordt aangebracht. Hierdoor is het mogelijk bepaalde klachten te verminderen die hun oorsprong hebben in de hersenen. Het is eigenlijk geen stimulatie, maar meer een remming van bepaalde bewegingssystemen. Het resultaat is de afname van motorische symptomen, de persoon kan weer gemakkelijker bewegen en het trillen neemt af.
    Voor deze therapie is een uitgebreide screening nodig. Een vereiste is dat je goed reageert op Levadopa. Bij de beslissing worden ook de leeftijd van de patiënt en de algehele gezondheidssituatie meegenomen. Er mag geen sprake zijn van dementie, angsten en/of depressies. De wachttijd is lang, kan wel 1 of 2 jaar zijn, omdat van de ziektekostenverzekeringen per jaar maar een beperkt aantal van dit soort operaties mag worden uitgevoerd.
    Nadeel van deze therapie: er kunnen infecties ontstaan of hersenbloedingen (slechts 1 à 2%), het resultaat kan ook teleurstellend zijn, er kunnen stemmingsstoornissen ontstaan en de spraak kan zachter worden. Helaas is er nog maar weinig vergelijkend onderzoek gedaan.

Na de uitleg van dr. Visée heeft Angret Minten, de Parkinsonverpleegkundige van het JBZ, de verschillende therapieën uitgelegd met behulp van materiaal dat ze bij zich had.

Mensen hebben tijdens die uitleg, maar ook daarna vragen kunnen stellen.

Het was nog de bedoeling een filmpje te laten zien, maar helaas startte het die middag niet goed op. Hierbij de beloofde link: https://www.youtube.com/watch?v=kaThzeghWnM